Zodra december begint, gaan bij veel mensen de dozen met kerstspullen open. Voor je het weet staat elke vensterbank vol, hangen er slingers aan de kast en zoek je een plekje voor nog een beeldje. Gezellig misschien, maar het resultaat voelt al snel druk. Vooral als je het grootste deel van het jaar juist van rust en overzicht in huis houdt.
Het goede nieuws: een feestelijke sfeer hangt niet af van de hoeveelheid decoratie. Met een paar weloverwogen keuzes die aansluiten bij je bestaande interieur maak je je huis net zo warm, en het blijft prettig om in te leven.
Begin bij je eigen woonstijl
Kijk eerst goed naar wat er al staat. Welke kleuren en materialen keren terug in je interieur? Heb je veel hout, linnen en aardetinten, of juist strakke lijnen, zwart en metaal? Je kerstdecoratie werkt het best als ze daarop voortbouwt in plaats van ermee te concurreren.
In een Scandinavisch ingericht huis passen bijvoorbeeld naturel materialen, wit en wat groen. In een warm, klassiek interieur kun je juist kiezen voor diep rood, messing en fluweel. Wie industrieel woont, kan met donker groen, zwarte kandelaars en wat koper heel sfeervol uit de voeten. Door de kerst te laten aansluiten bij je stijl voelt de decoratie als een natuurlijke aanvulling en niet als een tijdelijke verkleedpartij.
Kies een beperkt kleurenpalet
Rommeligheid ontstaat vaak niet door het aantal spullen, maar door de mix van te veel kleuren en stijlen. Beperk je daarom tot twee of drie kleuren, waarvan er minstens één al in je interieur voorkomt. Zo ontstaat er samenhang, ook als je op meerdere plekken decoreert.
Ook bij de kerstboom helpt dit. Een boom met ballen in één of twee tinten en een enkel accent oogt rustiger dan een boom vol verschillende ornamenten. Heb je oude, dierbare ballen die niet in het palet passen? Hang ze dan bij elkaar op een kleinere tak of in een glazen vaas, zodat ze een eigen plek krijgen.
Werk met een paar vaste plekken
In plaats van overal iets neer te zetten, kun je beter kiezen voor een paar duidelijke focuspunten. Denk aan de eettafel, de schouw of een dressoir. Daar mag het feestelijk zijn, terwijl de rest van de ruimte grotendeels blijft zoals hij is. Het oog krijgt zo rust, en de plekken die je wel versiert, komen beter tot hun recht.
Zoek je voorbeelden van hoe je kleur, materialen en meubels op elkaar afstemt, dan vind je bij Mijn Wooninspiratie meer ideeën voor het inrichten van je huis, die je ook rond de feestdagen kunt toepassen.
- De eettafel met een eenvoudige loper van groen en kaarsen
- De vensterbank met een enkele lichtslinger of ster
- De salontafel met één schaal gevuld met dennenappels
- De hal met een krans aan de deur of spiegel
Laat licht en natuur het werk doen
Licht is misschien wel het krachtigste middel om kerstsfeer te maken. Kaarsen, een warm lichtsnoer of een paar extra lampjes met gedimd licht veranderen een kamer meteen, zonder dat het vol oogt. Kies voor warmwit licht; koel of knipperend licht leidt al snel af.
Natuurlijke materialen zijn een tweede bondgenoot. Een paar takken eucalyptus of den in een vaas, wat hulst op tafel of een krans van gedroogde bloemen voelt feestelijk en blijft toch ingetogen. Bovendien ruikt het lekker en kun je het na de feestdagen gewoon weggooien of composteren, zodat je niet elk jaar meer spullen opslaat.
Ruim eerst op, en wissel uit
Een handige gewoonte is om, voordat je de kerstspullen uitpakt, tijdelijk iets op te bergen. Haal een paar decoratieve objecten van de kast of uit de vensterbank en zet daar je kerstitems voor in de plaats. Zo groeit het totale aantal spullen in de kamer niet en blijft het overzichtelijk.
Ook textiel is een slimme manier om te wisselen. Vervang een paar kussenhoezen of een plaid door exemplaren in een winterse kleur of een zachte stof als wol of fluweel. Dat geeft direct een andere sfeer, zonder dat je er extra objecten bij zet.
